Praktische tips voor je campervakantie

Toffe Roadtrips

Campervakanties zijn steeds populairder. Niet in de laatste plaats omdat je bijvoorbeeld met Camptoo of Goboony, de airbnb’s van campers en caravans, niet per se een gloednieuwe en dus dure camper hoeft te huren. Reisbijbel reisde inmiddels door aardig wat landen en geeft je de beste tips voor reizen met een camper. 

tekst Fleur Besters

Allereerst: huur een camper, bijvoorbeeld van een aanbieder op de platforms Goboony of Camptoo. Je ‘leent’ een camper van een particulier, die hem dan zelf niet nodig heeft. Voordeel is dat je er via de zoekfunctie één in de buurt van je huis kan huren, en dat scheelt gedoe met ophalen elders in het land. Haal hem ‘s avond op, pak de camper ‘s ochtends in en ‘s middags ben je op pad! Kies er een met een koelkast en diepvries, dan kan je thuis vast wat maaltijden voorbereiden. Reis je naar een duurder land, bijvoorbeeld Zwitserland, dan neem je meer eten mee. En richting Scandinavië kan ‘t slim zijn wat biertjes of wijn mee te nemen.

Tip van Reisbijbel: “Wij instelleren in onze navigatie ook supermarkten als point of interest. Ideaal om ‘s ochtends na het wakker worden verse broodjes te halen bij de Lidl en je bespaart zo stiekem aardig wat geld.”

Indeling camper

Bedenk vooraf goed wat voor indeling je wilt hebben in je huurcamper. Sommige campers hebben een alkoofbed, anderen een hefbed. De eerste variant zit boven de voorstoelen, de tweede variant ook, maar die laat je ‘s nachts naar beneden zakken, voordeel is daarbij dat je bij een camper met hefbed de voorstoelen vaak kan omdraaien als extra zitplaatsen.
In beide gevallen kan je het beddengoed er gewoon de hele dag op laten liggen, en dat is de voornaamste plus ten opzichte van het bed dat je van je treinzit maakt. Ehm, treinzit? Ja, zo heet dat zitje waaraan je ook eet en waarvan je ook een bed kan maken, maar dan moet je dat dus wel iedere dag opnieuw doen.

Voor kinderen kan het fijn zijn een stapelbed te hebben, er zijn steeds meer campers die dat hebben. Overdag hebben ze dan ook een plekje om te chillen. De douche gebruik je zelden, en is dus minder relevant, behalve voor opslag van je was bijvoorbeeld! Een vriesvak is erg fijn (ook voor ijsjes in de zomer!) en met een oventje kan je zelfs broodjes bakken.

Rijden met een camper

Bedenk dat je met een camper niet harder dan 100 kilometer per uur rijdt. Afhankelijk van de prijsklasse van je camper kun je bovendien wel of niet rekenen op stuurbekrachtiging of cruise control. Het rijden gaat dus langzamer dan met de auto, maar dat is niet erg. Zorg dat je trajecten maximaal 500-600 kilometer hebt op de echte reisdagen, beter is het nog om ze korter te houden, zodat je een dagdeel rijdt en een dagdeel buiten bent. Het onderweg zijn is immers zeker zo leuk en zo kom je op plekken waar je anders voorbij raast omdat je naar je hotel of appartement moet.

Tip van Reisbijbel: “Wij rijden vaak ‘s avonds na het eten het eerste deel van zo’n langer traject. Dan parkeer je de auto tegen twaalf uur ergens en rijdt je de volgende ochtend het laatste stuk. Kinderen kunnen dan vast in de pyjama wat slapen. In Zweden mag je bovendien wildkamperen, dus kan je hem overal neerzetten.”

Tolwegen en ferry’s

De kosten om met een camper te rijden, zitten ‘m niet alleen in de benzine. Ook tolwegen en ferry’s zijn duurder. Wil je daar geld op besparen, kies dan een kleiner formaat camper. Voor ons rondje Denemarken en Zweden moet je een paar keer het ‘water’ over. Reken Göteborg (Zweden) en Frederikshaven (Denemarken) op zo’n 180 euro voor deze overtocht met een camper en vier personen. Vanuit Duitsland naar Denemarken via Puttgarden ben je zo’n 125 euro kwijt. De tolbrug tussen Kopenhagen en Mälmo kost een kleine 100 euro.

Tip van Reisbijbel: “Op sommige routes varen de ferry’s de hele dag door. Tussen Göteborg en Frederikshaven gaat er maar vier keer per dag een ferry. Dan is het handig je tocht een beetje te timen, zodat je geen onnodige uren verliest in de haven. Wij gebruikten de wachttijd om een snelle pasta te bereiden in de wachtrij. Zo bespaar je geld doordat je op de boot geen dure maaltijd hoeft te bestellen.”

Overnachten met je camper

De meeste campers nemen meer ruimte in dan een tent. Op een grote camping, die kan je natuurlijk sowieso beter vermijden, sta je met je huis op wielen vaak op een geasfalteerd camperterrein, zij aan zij met andere campers. Het andere uiterste is wildkamperen, en dan sta je dus wel midden in de natuur, bijvoorbeeld in Zweden kan dat. In Duitsland kan je onderweg gratis parkeren bij een Rasthof langs de snelweg. Groot voordeel is dat je ‘s avonds nog even door kan rijden na het eten, op weg naar je nieuwe stekje.

Reis je met kinderen? Onderschat niet hoe leuk zij het vinden om met een zakmes stokken te slijpen, die ze in de omgeving hebben gezocht. Of laat ze een kampvuur maken, op de meeste natuurcampings mag dat. Zo heb je geen animatie nodig en vermijdt je de grote (en dure) campings.

Voordeel van de camper is bovendien dat je je eigen wc bij te hebt, en water en gas om te koken. Steeds meer campers hebben ook zonnepanelen, en dan ben je nog meer zelfvoorzienend. Ga onderweg ergens zwemmen in een rivier of meer en voel je vrij als een vogel! Op veel plekken mag je een nachtje overnachten op een parkeerplaats. Check altijd even of het er veilig is, met name op de doorgaande wegen in Frankrijk en Spanje schijnen er nog wel eens mensen overvallen te worden in hun camper. Google tussendoor even waar je je vieze water en septic-tank kan legen, en schoon water kan tanken.

Tip van Reisbijbel:Huur je een camper? Controleer dan altijd of je de camperdeuren goed kan afsluiten, ook van binnenuit. Wij hebben daar wisselende ervaringen mee. Bewaar waardevolle spullen – uiteraard – uit het zicht. Bijvoorbeeld onder de bankjes.”

Ask a local

Hey, in België noemen ze een camper een ‘zwerfhuisje’. Gebruik ‘m dus ook zo. Zeker als je wat verder de wijde wereld in trekt, kan je misschien wel bij locals overnachten. Kook een keer voor hen (boerenkool in de diepvries mee :-)), of neem net als Reisbijbel altijd heel veel stroopwafels mee. Vraag altijd even toestemming en wellicht kan je zelfs stroom aftappen. Als je een fiets mee hebt, kan je zo zelfs misschien wel samen gaan fietsen of een wandeling maken.

Camper mee de stad in

De populariteit van campers zorgt ervoor dat ook steeds meer (grote) steden parkings aanleggen voor campers. Ideaal, want je staat vaak vlakbij het centrum en hebt alles bij je. Bekijk bijvoorbeeld op deze site van de NKC de tips van andere camperrreizigers: https://www.campercontact.com/nl/. In Denemarken stond Reisbijbel ook twee keer in een haven. Daar zijn immers al stroom en voorzieningen voor boten, zoals sanitair. En… je overnacht er prachtig!

Skiën met je camper

Een extra avontuur is kamperen in de winter. Je kan er een roadtrip mee maken langs skigebieden waar sneeuw ligt, en je hebt een knus en warm onderkomen. We schrijven er hier over!

Tips welkom!

Reis je zelf ook met een camper? Je tips zijn welkom! Laat je achter op onze Facebookpagina of mail de redactie.

close

Wie wil jij inspireren met dit reisverhaal? Deel het snel!

close

Wie wil jij inspireren met dit reisverhaal? Deel het snel!